Er hangt iets in de lucht. Is het de geur van whisky? Of is
het iets anders? Laat ik gewoon maar met de deur in huis vallen: het zijn
dalende whiskyprijzen. Hoera! Ja, ik zeg hoera. Want voor de consument is dit
natuurlijk fantastisch nieuws. Het leven is al duur genoeg, nietwaar? En er zal
nog veel meer bezuinigd moeten worden, want defensie en… OK, laten we het niet
hebben over politiek.
Laten we het hebben over ons geliefde drankje, whisky! Want
het zijn heerlijke tijden. Ik heb een sterke voorkeur voor Japanse whisky’s en al
een paar maanden spot ik prijzen waar ik héél blij van word. Ineens denk ik
ook: ik heb helemaal geen zin meer om tientallen euro’s te betalen voor een
goede fles whisky, want voor minder krijg je óók goede kwaliteit.
Whisky worden goedkoper
En die duurdere whisky’s? Die zijn lekker aan het dalen in
prijs. Ineens koop ik voor de laagste prijzen een fles Hakushu, Yamazaki of Hibiki.
Dat is genieten met hoofdletter G. Volgens mij waren ze in mijn studententijd
nog duurder, al durf ik dat niet met zekerheid te zeggen.
Tot mijn stomme verbazing duikt een fles als
Glenmorangie
Signet ook op voor rond de 170 euro als ik even op het internet scrol. Het is een
geliefde fles onder veel drinkers en misschien wel hét paradepaardje van het
merk. Niet alleen straalt de fles enorme luxe uit, de smaak is ook bijzonder.
Zo is voor deze expressie zwaar geroosterde gerst gebruikt, ook wel ‘chocolade’
mout genoemd. Die innovatie vinden mensen mooi.
Die fles brengt meteen een herinnering terug. Want ik weet
nog dat ik een paar jaar geleden op een vliegveld liep. Ik ben zo’n nerd die
altijd op vliegvelden naar travel exclusives en andere whisky’s kijkt en daar
pronkte hij met een hoger prijskaartje. Als ik het me goed herinner was het
rond de 220 euro. Dan ga je als liefhebber toch ineens jezelf achter de oren
krabben. Waarom kan het nu ineens 50 euro goedkoper? Dat is toch een hoop geld.
Hoe zijn we hier beland?
De oorzaken zijn geen groot geheim. De whiskymarkt ligt nu
eenmaal een beetje op zijn gat. Er is sprake van overproductie, een verzadigde
markt, investeerders die hun interesse verliezen en een nieuwe generatie
liefhebbers die minder gevoelig is voor schaarste en hype.
Al kunnen we ook zegen dat deze generatie simpelweg minder
alcohol drinkt. Tel daar een economische realiteit bij op waarin consumenten
kritischer zijn geworden én dat het leven simpelweg duurder is geworden. Laten
we eerlijk zijn: whisky is aan het einde geen levensbehoefte, maar een
luxeproduct.
Gouden tijden voor liefhebber
Al deze negatieve punten brengt ook iets moois. Want voor de
whiskydrinker zijn dit gouden tijden. Wat ooit voelde als een luxe-investering,
schuift langzaam terug naar wat whisky in essentie is: een fles om te openen.
Whisky drink je om te delen met je geliefde of andere naasten en van één glas
of een paar glazen kun je samen een hele avond genieten. Dat is toch leuker dan
dat zo’n Signet bijvoorbeeld in een vitrinekast belandt, nietwaar?
Minder hype, meer inhoud?
De vraag is wat dit gaat doen met de drinker. Is er minder sprake
van FOMO en nieuwsgierigheid? Te veel in deze branche heet ‘limited’, alles lijkt
tegenwoordig wel gelimiteerd en de kenner weet inmiddels wel een beetje dat dit
onzin is. Maar waar gaat die liefhebber straks naar op zoek? Dat is de spannende
vraag.
Wat denken jullie en hoe reageer jijzelf op deze
veranderingen? Laat het gerust weten in de reacties!
Wil je al onze columns lezen?
Check dan het overzicht.